Met een duo-voorzitterschap deelt PQV Westland – Data Giants grote vrijwilligersrollen op
Clubzaken

Met een duo-voorzitterschap deelt PQV Westland – Data Giants grote vrijwilligersrollen op

Gepubliceerd op 20 januari 2026

Vrijwilligers vinden is voor veel verenigingen een steeds grotere uitdaging. Zeker voor functies als voorzitter, penningmeester en secretaris. Het zijn rollen die structureel werk opleveren, vaak veel tijd vragen en die ook verantwoordelijkheid met zich meebrengen. Precies daarom blijven ze vaak te lang liggen of komen ze steeds op dezelfde schouders terecht.  

Bij volleybalvereniging PQV Westland – Data Giants (ofwel PQV) kozen ze een andere werkwijze. Daar delen twee broers, Erik en Ferdy van Geest, het voorzitterschap. En alsof dat nog niet inspirerend genoeg is, is ook de rol van penningmeester bij de club verdeeld over twee mensen. Het resultaat is een bestuursmodel dat al jaren stabiel is en vooral laat zien dat je grote taken kleiner kunt maken door ze samen te dragen.  

Een club met een eigen verhaal 
PQV is geen vereniging die ‘gewoon’ zo is ontstaan. De club is een fusievereniging, opgebouwd uit drie namen die in de regio nog altijd bekend klinken. “PQV staat voor Pijlslag, Quintus en Vollier”, vertellen Erik en Ferdy. Pijlslag kwam uit Naaldwijk, Quintus uit Kwintsheul en Vollier uit De Lier. Met zo’n 110 leden is PQV een relatief kleine vereniging met ongeveer tien teams. De senioren spelen in de eerste en tweede klasse en de jeugd zit grofweg in dezelfde regionen. Grootse sportieve ambities zijn niet de drijfveer. “Die ambitie hebben we ook niet hoor om heel hoog te willen spelen”, zegt Erik. Het gaat vooral om samen volleyballen, betrokkenheid en gezelligheid. 

Die betrokkenheid zit diep, ook in het gezin Van Geest. Erik en Ferdy zijn onderdeel van een volleybalfamilie waarin de sport nog elke week terugkomt. “We zien elkaar elke week twee keer. We hebben nog een broer en hij speelt ook in ons team”, zegt Ferdy. Hun vader speelde ook lang zelf en is nog altijd een bekend gezicht in de sporthal. “Onze vader zit nog altijd op de bok en onze moeder is vaak te vinden op de tribune. Volleybal is voor ons een soort familiefeestje”, aldus Ferdy. Het typeert meteen hoe vrijwilligerswerk en clubgevoel elkaar kunnen versterken.  

Het bestuur stapte op 
Het idee voor een duo-voorzitterschap ontstond niet uit luxe maar uit noodzaak. Zo’n zes tot zeven jaar geleden stond het bestuur onder druk. Er was een interim-voorzitter die wilde stoppen en ook de penningmeester hield het voor gezien. Ferdy werd als eerste benaderd. “We hebben allebei best wel een drukke baan”, vertelt hij. Toch voelde hij dat hij de oproep van de club niet kon negeren. “Ik vond het heel belangrijk dat de club verder kon. Op een gegeven moment riepen sommige mensen: anders trekken we de stekker er toch uit? Dat wilde ik niet laten gebeuren”, zegt Ferdy. 

Thuis werd het onderwerp besproken en daar kwam de tweede helft van het duo in beeld. Ferdy vertelt dat hij er met zijn broer over sprak. “Ik zei: misschien moet ik er toch maar wat mee. En toen zei jij tegen mij: ik heb daar ook wel eens over nagedacht”, aldus Ferdy. Het besluit werd daarna snel concreet. Niet één van hen zou ‘de’ voorzitter worden. Ze gingen het samen doen. Die keuze gaf direct lucht en werkte bovendien aanstekelijk binnen de club. 

Taken niet verdelen, maar samen dragen 
Wie ‘duo’ zegt denkt vaak aan een heldere lijst met taken: jij doet A, ik doe B. Bij PQV ligt dat anders. Het voorzitterschap is vooral een gezamenlijke rol waarbij ze per situatie kijken wat nodig is en wie het oppakt. “We hebben niets op papier staan, we kijken per taak wie er tijd heeft of wie de taak het beste kan uitvoeren,” zegt Ferdy. Ze maken afspraken in het moment en bespreken het ook tijdens bestuursvergaderingen. 

Toch is er wel een natuurlijke verdeling op basis van persoonlijkheid en ervaring. Erik benoemt: “Het officiële gedeelte van het voorzitterschap ligt net wat meer bij Ferdy. Hij is ook aangemeld bij de KvK”, zegt hij. “Ik heb juist wat meer de taken die in communicatie liggen”, aldus Erik. Ferdy herkent dat. “De moeilijke gesprekken doe ik meer. Dat ben ik vanuit mijn werk ook meer gewend”, zegt hij. Tegelijkertijd is Erik in sommige situaties juist de tegenhanger. “Ik zie wat meer beren op de weg. Erik heeft dat wat minder en dat houdt het in balans”, vertelt Ferdy. “Juist dat ‘elkaar aanvullen’ helpt om besluiten niet te snel of juist te voorzichtig te nemen.” 

Wat ze vooral belangrijk vinden is dat ze allebei aanspreekpunt zijn. Erik noemt dat misschien wel de kern van de rol. “Allebei zijn we algemeen aanspreekpunt van de vereniging. Dat is misschien wel de hoofdfunctie als voorzitter”, zegt hij. In de praktijk zijn ze ook vaak samen aanwezig. “De meeste vergaderingen zijn we gewoon met z’n tweeën”, aldus Erik. Daarmee is het geen constructie op papier maar een manier van werken. 

Ook de penningmeesterrol werd een duo-functie 
Bijzonder is dat het duo-voorzitterschap niet het enige is dat bij PQV gedeeld wordt. Toen bekend werd dat Erik en Ferdy samen voorzitter zouden worden ontstond er meteen een tweede duo-rol in het bestuur. “Twee speelsters uit een van de damesteams zeiden direct: in dat geval gaan wij het penningmeesterschap ook samendoen”, vertelt Ferdy. Daarmee werden ook de financiën als een gedeelde verantwoordelijkheid ingericht. Deze opzet werkt inmiddels als jaren. “Voor ons is het gewoon een goed werkend model,” aldus Erik. 

Waar het voorzitterschap vooral “samen en flexibel” is, werkt de penningmeesterrol bij PQV juist als een voorbeeld van strakkere afbakening. Erik en Ferdy vertellen dat de twee penningmeesters elkaar controleren en hun taken bewust hebben opgesplitst. “De één zit meer in de balans en ze controleren elkaar daarin. De ander maakt facturen”, leggen ze uit. Ook qua aanwezigheid in overleggen pakken ze het praktisch aan. “Ze komen niet naar iedere vergadering maar doen om en om”, zeggen ze. “Voor hen werkt het echt heel goed en we zijn blij met hun werkwijze. De kascommissie is elk jaar helemaal tevreden.” 

Verbinding en clubgevoel 
Erik is trots op de manier waarop teams elkaar meer zijn gaan vinden. “Ik denk dat we de teams heel dicht bij elkaar hebben gebracht. Daarmee komt er een hoop gezelligheid in de hal”, zegt hij. Hij koppelt dat direct aan communicatie en betrokkenheid. “We hebben elke week een nieuwsflits met webverslagen. Leden sturen dat echt vanuit hun eigen enthousiasme. Mensen voelen één grote betrokkenheid bij de club en dat vind ik heel tof”, aldus Erik. Ferdy noemt hetzelfde gevoel maar dan in een beeld dat iedere vrijwilliger herkent. “Als je de zaal inloopt, zeker bij de jeugdwedstrijden, dan staat de sporthal vol met enthousiaste ouders. Dat vind ik altijd een hoogtepunt”, zegt hij.